POLDERKEUR VOOR DE KLEINE WESTEINDSCHE VEEN- EN DROOGMAKERIJ

homepage
Indien we op het Internet zoeken via Google op de term 'polderkeur' dan valt het aantal hits tegen. En meestal nog als begrip in inventarislijsten. Op een enkele internet site valt te lezen wat een polderkeur eigenlijk is, maar nergens vinden we een volledige keur.

Het lijkt mij daarom wel aardig om een polderkeur in zijn geheel te presenteren. Het betreft een keur die mij door de heer C. Hoogeveen, nog steeds woonachtig in de desbetreffende polder, ter beschikking is gesteld en die ik hier in zijn geheel weergeef.

Een polderkeur is in feite niets anders dan een set regels waaraan de bewoners van een polder zich hebben te houden. Overtredingen van een een ge- of verbod kan leiden tot een boete. De keur wordt opgesteld door het bestuur van een polder, in ons geval "DE KLEINE WESTEINDSCHE VEEN- EN DROOGMAKERIJ". De desbetreffende polder is niet zo groot, maar heeft eigenlijk wel een merkwaardige vorm. De bewoning is niet langs de randen van de polder, maar er middenin. Vanuit de lucht zien we de plaats van de polder in het buurtschap en de bewoning in de polder.

De tekst wordt in de vorm van korte reeks plaatjes getoond. Bij ieder plaatje een korte samenvatting.

Het rood omrande gebied is de DE KLEINE WESTEINDSCHE VEEN- EN DROOGMAKERIJ in Stompwijk. Met dank aan Google Earth.

DE TEKST VAN DE KEUR:

Titelblad.
De volledige titel luidt:

Keur of Politieverordening
voor den polder
"DE KLEINE WESTEINDSCHE
VEEN- EN DROOGMAKERIJ"
onder
STOMPWIJK
blz. 3
Hoofdstuk I. De algemene bepalingen. Onder andere dat het onderhoud van de dijken voor de eigenaren is of voor de huurders van het op de dijk gelegen land.
blz. 4 en 5
Het bestuur beoordeelt hoe dan ook "al hetgeen tot de behoorlijke uitvoering dezer keur moet worden verricht of nagelaten". Begin van hoofdstuk II. Van den onderhoudsplicht. Een opsomming begint van al hetgeen tot het onderhoud bij de polder hoort.
blz. 6 en 7
De opsomming begonnen op blz. 5 wordt voortgezet. Begin van hoofdstuk III. Van de tochten, Slooten, Bruggen, Dammen en Duikers. In dit hoofdstuk vooral aandacht voor de exacte bemetingen van de genoemde delen van de polder. Zo moeten dammen altijd een duiker hebben met een doorstromingsprofiel van 6.25dM2 (vierkante decimeter) en de onderkant van de duiker moet 0.45 Meter beneden het polderpeil liggen.
blz. 8 en 9
Een opsomming van wat er zoal verboden is: "krengen of iets anders dat het water kan bederven in de tochten of slooten te werpen of te laten drijven" of "over de polderbruggen harder dan stapvoets te rijden". Begin van hoofdstuk IV. Van de Dijken, Kaden en Inlaatduikers. Er wordt over de hoogte van de diverse dijken gesproken, maar ook over wat vooral niet mag. Zo is het verboden om op de dijk "ongeringde varkens te laten loopen" en mogen er geen zware voorwerpen of mest op de dijk neergelegd worden.
blz. 10 en 11
Inlaatduikers en uitlaatduikers mogen niet tegelijkertijd open staan en er mag niet meer water ingelaten worden dan noodzakelijk. Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen. Bijvoorbeeld: "Het is verboden grond of specie uit den polder naar elders te vervoeren. Hoofdstuk VI. Van den Schouwen en het constateren van overtredingen. Er wordt uitgelegd wanneer er wordt geschouwd en waarop er zoal gelet wordt. Zo mag er geen flap meer te zien zijn.
blz. 12 en 13
De hoogte van de diverse boetes wordt genoemd, maar ook wordt er gelukkig iets gezegd over het eerst nog waarschuwen van de overtreders, om dezen in de gelegenheid te stellen alsnog aan hun verplichtingen te voldoen. Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland heeft deze keur goedgekeurd en daarmee is uiteraard rechtsgeldigheid gewaarborgd.